U bent hier: Home › Tijdens het roeien

Tijdens het roeien

Wegroeien
"slagklaar maken"
de inpikhouding aannemen, d.w.z. geheel oprijden, bladen op het water.
".... slag klaar"
de bladen verticaal draaien en in het water zetten.
".... af"
de roeibeweging gaan maken.

De roeiers laten stoppen met het roeien:
“laat…."
dit commando wordt gegeven bij de inpik (begin van de haal).
"….lopen”
dit commando wordt gegeven bij de uitpik (einde van de haal). De haal wordt afgemaakt,
het handvat naar beneden gedrukt en het blad gedraaid. De roeiers strekken de armen en houden zo de boot in balans. Het blad blijft vrij van het water.

Vaart afremmen tot stilleggen:
“bakboord (of stuurboord of beide boorden) vastroeien…nu”
dit commando wordt altijd vooraf gegaan door het commando, "laat ... lopen"
worden de bladen half opgedraaid en met de bolle kant in het water gedrukt.
“bakboord (of stuurboord of beide boorden) houden…nu”
de bladen worden verder het water in gedrukt tot verticale stand. De boot komt nu helemaal stil te liggen.

Noodsituatie.

Dit commando wordt gegeven als de boot onverwacht zeer snel moet stoppen
“stoppen…..nu”
de bladen met de bolle zijde naar de achtersteven draaien.

Achteruitroeien:
“bakboord (of stuurboord of beide boorden) strijken gelijk….nu”

tegen de handvatten duwen (i.p.v. eraan trekken), de boot achteruit laten varen (roer recht en stuurtouwen strak houden). In verband met de constructie van de dol dient dit nooit met veel kracht te gebeuren.

Keren vanuit stilstand (= rondmaken):
"over bakboord (of stuurboord) rondmaken…"
na het waarschuwingscommando draaien de roeiers van het genoemde boord hun blad zo, dat de holle zijde in de vaarrichting gekeerd is. Alle roeiers zitten in de finishhouding.
"…nu”
Op het commando "nu" geschiedt het rondmaken over bakboord als volgt:
bakboord begint een strijkhaal te maken met volledig oprijden. Stuurboord rijdt gelijk mee naar voren en begint op het moment dat de strijkhaal is afgelopen een gewone haal te maken. Bakboord en stuurboord hebben dus beurtelings de bladen in het water. Het rondmaken kan ook gedaan worden zonder het oprijden erbij. De stuurman/vrouw regelt dit en geeft de commando's.
of
“bakboord (of stuurboord) halen (of strijken)…nu”
het genoemde boord gaat op het uitvoerings commando "nu" roeien of strijken met korte haaltjes, zonder naar voren te rijden.

Koerswijziging tijden het roeien:
“bakboord (of stuurboord) best….."
aan het genoemde boord wordt harder getrokken, aan het andere boord minder hard. Het commando kan ook bij het strijken gebruikt worden.
"….en gelijk”
ieder haalt of strijkt weer met dezelfde kracht.

Ogenblik a.u.b. ...